Bokkehouder

Hierbij nog een verhaal dat voordat ik de officiele papieren
aan de Heemkunde vereniging "Halchert" gaf gecopieerd heb.
Sommige woorden zijn niet helemaal te lezen, zodat het mogelijk voor
kan komen dat de zin niet goed loopt. De tekst is verder woordelijk
overgenomen en de spelling is van die tijd. Het lijkt mij dat de lezers
van de Beiaardier onderstaand verhaal wel aardig vinden om te lezen.
Het is een contract voor de houder van een bok van de Onderlinge Bijstand
uit 1911.
Contract voor den bokhouder
De ondergeteekende Th. Piesjens wonende te Lepelstraat verbindt zich
om den dekbok der vereeniging St. Antonius te Lepelstraat te onderhouden
en tot dekking uit te laten gedurende de dekperiode van de jaren 1911
- 1912 en verder te onderhouden totdat de bok naar het bokstasion zal
worden teruggebracht, doch hoogstens voor de tijd van een jaar, zulks
met inachtneming der wenschen de bokkenhouders gegeven onder de volgende
voorwaarden.
Art. 1 Het jaar bovenbedoeld loopt van 14 Sept. 1911 tot 14 Sept. 1912.
Art. 2 De bokkenhouder is verplicht alle leden vriendelijk en beleefd
te ontvangen.
Art. 3 Gedurende den dektijd zal er elke werkdag gelegenheid zijn om
geiten te laten dekken van af daglicht smorgens tot savonds 8 uur en
op zon- en feestdagen van smorgens daglicht tot 'smiddags 12 uur. Buiten
aangegeven tijd is de bokhouder niet tot uitlating der bok verplicht.
Het is den bokhouder verboden den bok uit te laten in tegenwoordigheid
van kinderen beneden 16 jaar op boete van f 2,50.
Art. 4 Een boete van vijf gulden zal hen toegepast worden zoo menigmaal
hij een geit buiten de vereeniging laat dekken.
Art. 5 Het bestuur der vereeniging zal het recht hebben den bok op te
eischen, hiervan moet echter, behalve in geval dat de bok door het D.B.
naar het bokstasion ontboden wordt aan den bokhouder schriftelijk mededeeling
worden gedaan bij een schrijven onderteekend door den voorzitter en
secretaris.
Art. 6 Aan den bokkehouder zal worden uitbetaald vijf gulden per maand
vanaf 15 Sept. Tot 15 Jan. ( Verder enkele regels niet te lezen) De
betaling geschied om de twee maanden. Ook wordt door de vereeniging
¾ kilo haver per dag verstrekt.
Art. 7 Wanneer de bokkehouder voor den 15 Mei van het loopend jaar niet
aan de vereeniging of deszelfs bestuur mededeeling heeft gedaan dat
hij den bok niet langer wencht te houden, dan zal worden geacht, dit
contract met een jaar is verlengd.
Art. 8 Wanneer het bestuur der vereeniging met inachtneeming van art.
5 meent den bok te moeten verplaatsen zal dit kunnen geschieden zonder
eenige meerdere verplichting van de vereeniging tegenover den bokkehouder
dan de betaling van het bedrag waarop hij recht heeft tot den dag van
verplaatsing.
Art. 9 Het is ten strengste verboden aan den bokkehouder andere bokken
in zijn bezit te hebben, dan die welke aan de bond toebehooren en door
het bestuur zijn aangegeven op boete van vijf gulden. Door de plaatselijke
vereeniging mag hiervan als overgangsbepaling worden afgeweken, de eerste
twee jaren na de definitieve oprichting der vereniging.
Art. 10 Het is de bokkehouder toegestaan de werkzaamheden aan den bok
verbonden door zijn vrouw of andere bejaarde huisgenoot te laten verrichten
Art12. De veranderingen aan den bokkestal zullen door de vereeniging
vergoed worden, doch de vereeniging behoud het recht bij verplaatsing
der bok de stal af te breken en mede te nemen.
Lepelstraat den 26 September 1911
Getekend Jan de Booij.
Zoals je leest waren geiten zo rond het begin van de vorige eeuw van
levensbelang, vandaar ook de vereniging, welke weer een onderafdeling
was van de Onderlinge Bijstand.
Wij zullen er nu misschien om lachen, maar verplaatsend naar die tijd
was dit niet om te lachen, maar nogmaals van levensbelang voor vele
gezinnen.
Maarten van Eekelen